Auteursarchief: De Schrijfdokter

Komt-ie of komt’ie

Komt-ie of komt’ie

Iedereen kent het wel, zinnen waarin je in plaats van hij het informelere ie wilt gebruiken. In spreektaal is dat heel normaal geworden (zoals bij komt-ie), maar wil je het opschrijven dan roept dat toch de vraag op: hoe schrijf je het dan? Gebruik je een apostrof of streepje? Of misschien helemaal geen extra leestekens?

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer staan in mijn documenten!”

Download e-book Preview e-book

 

Wel of geen leesteken

Helaas is deze vraag lastig te beantwoorden. De vorm ie is al oud. Zelfs in de Middeleeuwen werd deze al gebruikt ter vervanging van hi. Hi is door de tijd heen hij geworden, maar ie is blijven bestaan. De naslagwerken geven aan waar de voorkeur ligt wat het gebruik van ie betreft, maar echte regels worden niet geformuleerd. Dit is zeker het geval als het duidelijk gaat om een spreektalige uiting.

Wat in ieder geval vaststaat is dat het gebruik van een apostrof niet logisch is en dus wordt afgeraden. Kijk maar naar de zin Wat doet ‘ie? Doordat je een apostrof gebruikt wek je de indruk dat ‘ie een afkorting van een langer woord is, net zoals in ‘s. Dat is in het geval van ie niet zo.

komt-ie

De tekst in de afbeelding is niet correct.

Komt-ie en was-tie

Als je kijkt naar de andere twee opties wordt de voorkeur gegeven aan het gebruik van een streepje: Wat doet-ie? Toch zijn de naslagwerken niet helemaal consequent. In bijvoorbeeld de Van Dale worden ie en -ie­ beide gebruikt. En dan heb je nog die vormen waarbij het mogelijk is twee streepjes te gebruiken, bijvoorbeeld: was-t-ie. Deze vormen zijn echter vooral in de spreektaal te vinden. Daarom is het gebruikelijker om bij het opschrijven van die spreektaal te gaan voor was-tie­.

Voor dit soort taalproblemen mag je altijd De Schrijfdokter benaderen. Of gebruik het offerteformulier als je een opdracht en graag wil weten wat de kosten zijn. Wij volgen altijd de richtlijnen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

ICT of ict

Is het ICT of ict?

Als je een afkorting gebruikt uit het Engels, gebruik je dan hoofdletters of niet? Tegenwoordig zijn de meeste spellingsgidsen het eens: het mag allebei. Welke variant je ook kiest – ICT of ict – je doet het niet snel fout. Toch is er een voorkeur aan te duiden op basis van de geschiedenis van het gebruik van dit soort afkortingen. Lees verder na de onderstaande aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer staan in mijn documenten!”

Download e-book Preview e-book

 

Hoofdletters

In beginsel worden afkortingen zoals ICT en andere Engelse afkortingen als PC en RAM, met een hoofdletter geschreven. Bij afkortingen is het normaal om het hoofdlettergebruik uit het volledig uitgeschreven begrip aan te houden. Zo heb je het over BuZa (Buitenlandse Zaken) en NS (Nederlandse Spoorwegen). Bij de Engelse afkortingen worden in de originele taal ook hoofdletters gebruikt. Daarom worden deze in het Nederlands overgenomen. Dat is in dit geval ook zo. Dit is ook de reden waarom bijna alle naslagwerken de versie mét hoofdletters opnemen als hoofdvorm.

ICT of ict

Kleine letters

Toch worden steeds vaker kleine letters gebruikt. Dat heeft te maken met de inburgering van deze afkortingen. Doordat ze vaker worden gebruikt worden kleine letters ook gebruikelijker. Veel spellingsgidsen geven daarom aan dat – ook al is er sprake van een afkorting met hoofdletters – kleine letters inmiddels ook prima gebruikt kunnen worden. Het Groene Boekje bijvoorbeeld noemt deze ontwikkeling ook en geeft aan dat er hier dus geen vaste regel voor te geven is. Er is een evolutie gaande wat initiaalwoorden betreft.

ICT of ict – initiaalwoorden

De evolutie waar het Groene Boekje het over heeft, wordt specifiek toegespitst op initiaalwoorden. Dit zijn afkortingen waarbij de letters afzonderlijk worden uitgesproken, net als bij ICT, PC en NS. Worden de letters als één woord uitgesproken – denk hierbij aan RAM en VUT – dan noem je het een letterwoord. Bovenstaande tendens is zowel bij initiaal- als letterwoorden te ontdekken. Kortom, afkortingen die in het Engels met hoofdletters worden geschreven krijgen steeds vaker kleine letters in het Nederlands, zolang ze maar inburgeren in onze taal.

Heb je vaker van dit soort vragen, stel je vragen dan gerust aan De Schrijfdokter. Ook als je een offerte wil, kun je ons benaderen. Doe dat dan via het offerteformulier. De Schrijfdokter volgt altijd de regels van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

 

Ik word of ik wordt

Met of zonder t

Een geval dat vaak voorkomt is het onterecht toevoegen van een -t bij het vervoegen van een werkwoord waarvan de stam op een -d eindigt. Daarom hier in ieder geval alvast wat uitleg over de ik-vorm. De uitleg over ik word of ik wordt vind je overigens ook terug in onderstaande aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer staan in mijn documenten!”

Download e-book Preview e-book

 

De ik-vorm

In de ik-vorm wordt nooit, maar dan ook nooit de -t gebruikt achter werkwoorden als worden, landen en vinden. Als je afvraagt waarom dat is, dan is daar een logisch antwoord op te geven: de ik-vorm van welk werkwoord dan ook krijgt nooit een extra -t achter de stam. De ik-vorm kan dus alleen eindigen op ­-t als de stam al op een -t­ eindigt, bijvoorbeeld bij werkwoorden als zetten, bijten en moeten. Hierbij maakt het niet uit of ik vóór of na de persoonsvorm komt. Bij de jij-vorm maakt dat wel uit, maar dat is een ander verhaal.

ik word of ik wordt

‘Ik wordt’ in afbeelding is foutief geschreven.

Ik word of ik wordt – voorbeelden tegenwoordige tijd:

  • Ik schud de laatste hagelslag uit het pak.
  • Woest schud ik de laatste hagelslag uit het pak.
  • Ik wed om een euro dat ik eerder thuis ben dan jij.
  • Om een euro wed ik dat ik eerder thuis ben dan jij.
  • Ik word altijd zo boos als mensen hun rommel op straat gooien.
  • Waarom word ik altijd zo boos als mensen hun rommel op straat gooien?

Ook in de verleden tijd geldt deze regel. Bij de meeste werkwoorden wordt in de ik-vorm de –d in de stam verdubbeld: ik landde, ik antwoordde. De onregelmatige werkwoorden krijgen een heel andere vorm, maar ook hier nog steeds geen -t. Het is dus in geen enkel geval ik vondt of vondt ik, en het is nooit ik werdt of werdt ik.

Heb je vaker dit soort taalvragen? Stel ze aan De Schrijfdokter. Heb je echter een opdracht voor ons en wil je weten wat de kosten zijn? Gebruik dan het offerteformulier. Dan heb je binnen 24 uur een passende offerte in je mailbox. De Schrijfdokter volgt de richtlijnen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

Tesamen of tezamen

Wat is correct?

Wat betreft de Nederlandse taal volgen wij altijd de organisatie Genootschap Onze Taal in Den Haag. Deze organisatie is wat betreft onze taal leidend als het gaat om regels, richtlijnen en adviezen.

Is het tesamen of tezamen? De verwachting is dat tesamen de juiste schrijfwijze is. Vooral omdat je al gauw een s hoort wanneer je het woord uitspreekt. Toch is deze schrijfwijze niet correct. De enige echte correcte schrijfwijze is met een z, tezamen dus. Deze uitleg vind je overigens ook terug in onderstaande aanbieding van De Schrijfdokter.  

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Tezamen – waar komt het vandaan

Het heeft vooral met vroeger te maken. Enkele eeuwen geleden sprak men al de woorden te en zamen. Toen werd het dus nog niet aaneen geschreven. Na verloop van tijd is dat samengeklonterd tot één woord. Wanneer dat exact heeft plaatsgevonden is niet bekend, maar de vorm tezamen is dusdanig ingeburgerd geraakt dat deze na enige tijd als geaccepteerd en als correct werd beschouwd.

Tesamen – waar komt dat dan vandaan

Als we de website van het Genootschap Onze Taal in Den Haag erop naslaan, lezen we dat er vroeger ook nog een andere schrijfwijze was, namelijk tsamen. Deze uitspraak is destijds ontstaan omdat men de letter e van tezamen nauwelijks uitsprak en dus tsamen ontstond. Maar of het nu tsamen of tesamen is, varianten met de letter s zijn niet correct. tesamen of tezamen

Ook niet correct

Soms zie je andere schrijfwijzen terug die niet correct zijn. Doorgaans zijn we geneigd om ook te samen en te zamen te schrijven. Dus mét een spatie. Voor de duidelijkheid: geen enkele variant met een spatie daarin verwerkt is correct.

Heb je nog meer vragen over tesamen of tezamen? Of zou je graag iets meer willen weten over een ander onderwerp over taal? Ben zo vrij om De Schrijfdokter te raadplegen. Wij schrijven over diverse onderwerpen voor de meest uiteenlopende bedrijven. En daarnaast corrigeren wij dagelijks scripties en manuscripten. Mocht je een opdracht klaar hebben liggen, ga dan naar ons offerteformulier.

Wat betreft de Nederlandse taal volgen wij altijd de organisatie Genootschap Onze Taal in Den Haag. Deze organisatie is wat betreft onze taal leidend als het gaat om regels, richtlijnen en adviezen.

Het mooist of het mooiste

Wat is correct?

Kijk eens naar de volgende opties: Dat boek is het mooist óf Dat boek is het mooiste. Wat is het nou? Moet je nou wel of geen –e toevoegen in dit geval? Beide opties zijn hier mogelijk. Lees verder onder de aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Functie van het woord

Het is voornamelijk afhankelijk van de functie die het bijvoeglijk naamwoord heeft. Aan de ene kant kun je het ‘predicatief’ gebruiken. Dat houdt in dat het zelfstandig naamwoord waar iets over wordt gezegd niet direct achter het bijvoeglijk naamwoord staat. In dat geval gebruik je geen -e. Zeg je Dat is het mooiste boek, dan hebben we het over ‘attributief’ en voeg je altijd een -e toe. Je hebt ook nog een bijwoordelijke functie. Ook daar wordt geen -e toegevoegd. Dit gaat om zinnen als Hij liep het snelst, waarin het bijvoeglijk naamwoord iets zegt over het werkwoord.

Het mooist of het mooiste

In de bovenstaande gevallen zou je mooiste beide functies kunnen toedichten. Je kunt het zo zien dat mooist niet vóór boek staat en daarom geen -e krijgt. Je zou het ook kunnen bekijken alsof de zin eigenlijk Dat boek is het mooiste boek is. Dan is mooiste attributief gebruikt en krijg je wel een -e. Het is maar hoe je het bekijkt. Zie de volgende voorbeelden:

  • Haar weerstand is het slechtst.
  • Haar weerstand is de slechtste.
  • Nina houdt het meest van sperziebonen
  • Welke van deze films kijk jij het liefst?

Toch zie je wel dat er een bepaalde voorkeur is ontstaan. In schrijftaal wordt de vorm zonder -e het meest gebruikt. In de spreektaal is het precies andersom.

Heb je vaker van taalvragen zoals de kwestie het mooist of het mooiste? Stel ze gerust aan De Schrijfdokter. Ook voor een offerte kun je ons altijd benaderen. Wij hanteren altijd de taalregels, -richtlijnen en -adviezen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

Mbo’er of mbo-er

Is het nou mbo’er of mbo-er?

Stel, je zit op het mbo. Moet je jezelf dan een mbo’er of mbo-er noemen? De juiste spelling is met een apostrof. Dit heeft te maken met regels voor de uitspraak. Je maakt een persoon van de onderwijsvorm door er -er achter te plakken. Het probleem hiermee is dat als je geen extra leesteken toevoegt, je het woord heel anders gaat uitspreken: mboer. Daarom voeg je dus de apostrof toe. Lees verder onder de aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Waarom geen streepje

Maar waarom gebruik je dan geen streepje? Dat doe je tenslotte ook in mbo-studie, havo-leerling, tv-programma. Dat komt omdat het streepje na een afkorting alleen maar gebruikt wordt als er sprake is van een samenstelling. De twee delen van het woord kunnen dan ook los van elkaar voorkomen. Bij het gebruik van -er als achtervoegsel is dat niet zo en kun je het streepje dus niet gebruiken. Ditzelfde zie je bij andere afkortingen met een achtervoegsel om er meervoud of een verkleinvorm van te maken: wc’tje, tv’s. Meer voorbeelden waarin deze regel van toepassing is zijn: 65+’er, hbo’er, KNVB’er, mkb’er, pgb’er, zzp’er. En er zijn er nog veel meer.

mbo'er of mbo-er

Worstel je vaker met een taalprobleem en kun je het antwoord op internet niet vinden? Schroom dan niet je vraag voor te leggen aan De Schrijfdokter. We zullen ernaar kijken en je vraag gegarandeerd binnen 24 uur beantwoorden. Moet je toevallig een opdracht schrijven of wil je deze opdracht graag laten corrigeren? Ook dan kun je ons benaderen. Gelieve hiervoor dan het offerteformulier te gebruiken. Binnen een dag krijg je van ons een passende en scherpe offerte.

De Schrijfdokter houdt zich aan de regels, richtlijnen en adviezen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag. Deze organisatie is leidend als het gaat om de Nederlandse taal. Wij melden je dit omdat verschillende organisaties een afwijkende mening kunnen hebben (met name bij de Dikke Van Dale) als het gaat om de schrijfwijze van een bepaald woord.

 

Lidwoorden bij winkelnamen

HEMA of de HEMA

Je hebt het je vast weleens afgevraagd: waarom hoor je zowel ik haal mijn kleren bij de H&M als ik haal mijn kleren bij H&M? Kortom, wat is het gebruik van lidwoorden bij winkelnamen? Het lastige van deze kwestie is dat hier geen vaste regels voor zijn. De ene keer zal het heel logisch klinken om het lidwoord weg te laten, soms lijkt het gebruik ervan niet te vermijden en in andere gevallen kan het gewoon allebei. Lees verder onder de aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Je kunt zeggen dat in de zin Hij doet boodschappen bij Jumbo prima is, maar ook Hij doet boodschappen bij de Jumbo kan. Je zult niet snel zeggen dat je naar Hema gaat, maar ook niet snel dat je inkopen doet bij de Pipoos. Toch kan ook deze voorkeur per persoon weer anders zijn.

Lidwoorden bij winkelnamen – verwijzing naar persoon

Toch zijn er wel bepaalde tendensen te ontdekken. Zo worden lidwoorden vaak weggelaten als de winkel is vernoemd naar een bepaald persoon. Denk hierbij bijvoorbeeld aan Albert Heijn, V&D en H&M. Het lidwoord wordt meestal wel gebruikt als de naam echt alleen wordt beschouwd als bedrijfsnaam: de Febo, de ING, de Praxis. Je ziet hier dat hoe minder de naam van een winkel nog bekend is als eigennaam, hoe vaker het lidwoord gebruikt wordt.

Lidwoorden bij winkelnamen

Daarnaast zie je dat dit vaker voorkomt bij grotere ketens. Je ziet ook dat als een winkelnaam gevormd wordt door een afkorting of lettergreepwoord het lidwoord bijna altijd wordt gebruikt. Zo gaan we meestal naar de Hema en de Sligro. Ten slotte zie je dat jongeren het lidwoord veel minder vaak weglaten. Overigens geldt dat laatste ook voor de bedrijven zelf. Ook zij laten het lidwoord over het algemeen weg in hun reclames.

Heb je vaker een taalprobleem waar je niet uitkomt, zoals bij lidwoorden bij winkelnamen? Vraag het De Schrijfdokter. Ook voor het aanvragen van een offerte kun je bij ons terecht. Wij volgen altijd de regels en richtlijnen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

Hoe lang of hoelang

Welke variant is juist?

De ene keer zie je hoe lang staan, de andere keer worden de twee woorden aan elkaar geschreven. Maar wanneer mag het wel aan elkaar en wanneer juist niet? Het antwoord op deze vraag is vrij simpel. Heb je het over de fysieke lengte van iets (Hoe lang is die plank?), dan schrijf je de woorden los van elkaar. Als je spreekt van een lengte in tijd (Hoelang geleden is dat?) schrijf je de woorden aan elkaar. Hier nog wat voorbeelden:

  • Weet jij hoelang zij repeteren?
  • Hoe lang is het bed dat je hebt gekocht?
  • Hij kon zich niet meer herinneren tot hoelang hij moest werken.
  • Hoe lang is jouw zus?
  • Hoelang duurt de voorstelling?

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Hoe lang of hoelang – vroeger

Het is al ruim een eeuw geleden dat men de afzonderlijke woorden hoe en lang aan elkaar begon te schrijven. In het begin was het zo dat dat alleen gebeurde wanneer hoelang stond voor tot hoelang. Dat lees je ook terug in verschillende naslagwerken. Deze variant betekende hetzelfde als tot wanneer. Hoelang in de betekenis van ‘over welke periode in tijd’ is pas de laatste decennia in gebruik geraakt, maar inmiddels ook al helemaal ingeburgerd.

hoe lang of hoelang

Worstel je vaker met dit soort taalvragen en kom je er niet uit? Schroom dan niet je vragen te stellen aan De Schrijfdokter. Wij bekijken je bericht en sturen je gegarandeerd binnen 24 uur een antwoord op je vraag. Ook voor een opdracht (particulier of zakelijk, dat maakt niet uit) kun je ons benaderen. Wij sturen je dan binnen een dag een scherpe offerte. Zou je zo vriendelijk willen zijn hiervoor ons offerteformulier te gebruiken?  De Schrijfdokter volgt altijd de regels, adviezen en richtlijnen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag. Deze organisatie is leidend als het gaat om de Nederlandse taal.

Heel of hele

Heel of hele – wat is juist?

Wens je iemand een hele of een heel goede dag? Net zoals in heel veel andere gevallen die we al hebben gezien, zijn ook hier weer beide opties juist. Wel hangt het van de context af welke vorm het meest gebruikelijk is. Formeel gezien gebruik je heel, maar in spreektaal of informelere situaties kan hele ook prima. Zo zal een politicus het hebben over een heel ingrijpende bezuiniging terwijl je je oma een hele fijne verjaardag wenst. Lees verder onder de aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Als je het technisch bekijkt is heel de enige vorm die de standaardspelling volgt. In een heel goede dag zegt heel namelijk iets over goed, niet over dag. Het is dus een bijwoord. Bijwoorden worden nooit verbogen door er een -e achter te zetten. Zo kun je niet zeggen een erge leuke winkel, omdat erg iets over leuke zegt.

Heel of hele – uitzondering

Bij heel kan dit dus wel in veel gevallen. Dit kan als het bijvoeglijk naamwoord dat op heel volgt ook vervoegd is met -e, net als goede in een hele goede dag. Hieruit komt ook voort dat de beide vormen alleen door elkaar te gebruiken zijn bij woorden met het lidwoord de. Je kunt niet een hele mooi boek zeggen bijvoorbeeld. Deze vormen zijn bovendien al lang in gebruik. Al in de 17de eeuw gebruikten verschillende schrijvers de oudere vorm heele in hun teksten. Ook verschillende naslagwerken en woordenboeken bevestigen de mogelijke vervoegingen van hele voor een vervoegd bijvoeglijk naamwoord.

heel of hele

Zoals eerder gezegd wordt hele in informelere situaties gebruikt. Dat komt omdat hele vriendelijker klinkt. De spreker zou volgens verschillende bronnen door het gebruik van hele beter laten zien dat hij meent wat hij zegt. Dat gevoel zit ook in uitingen die niet als wens zijn bedoeld: hij had hele mooie schoenen aan, Kas was een hele gevoelige jongen. Er komt door het gebruik van hele nog meer nadruk te liggen op het bijvoeglijk naamwoord. Dit is echter wel een subtiel verschil.

Heb je vaker dit soort taalvragen? Stel ze gerust aan De Schrijfdokter. Ook voor een vrijblijvende offerte mag je ons natuurlijk benaderen. Wij houden ons aan de taalregels van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.

Meervoud Latijnse woorden

Meervoudsvormen

Wat is het meervoud van Latijnse woorden? Wie Latijnse les heeft gehad, kent vast nog die rijtjes die je uit je hoofd moest leren. Een aantal van die rijtjes hadden betrekking op de meervoudsvormen van woorden. Ondanks dat het Latijn een taal is die niet actief meer wordt geschreven, kan die kennis nog wel van pas komen, namelijk bij het vervoegen van de leenwoorden uit het Latijn in het Nederlands. Grof gezien zijn er twee hoofdcategorieën. Lees verder onder de aanbieding van De Schrijfdokter.

 

E-book: ‘De 100 meest voorkomende taalproblemen’ – 150 pagina’s aan eenvoudige taaluitleg

“Ik weet nu zeker dat er geen fouten meer in mijn documenten staan!”

Download e-book Preview e-book

 

Woorden op -um

Veel Latijnse woorden eindigen in het enkelvoud op -um. Deze woorden hebben op hun beurt vaak twee verschillende meervoudsvormen die kunnen worden gebruikt. De Latijnse meervoudsvorm eindigt op -a – aquarium wordt aquaria – maar de vernederlandste vervoeging aquariums is ook gewoon correct. Denk ook aan:

  • Hij was de eigenaar van een groot aantal winkelcentra/winkelcentrums.
  • Er zijn verschillende gymnasia/gymnasiums in het land gesloten de laatste jaren.
  • Wie weet hoeveel andere universa/universums er nog zijn buiten het onze.

Wat in dit geval wel belangrijk is om te onthouden, is dat het meervoud soms per vorm een andere betekenis kan hebben. Denk bijvoorbeeld aan het verschil tussen het woord voor informatiedragers, media, en het gebruik van mediums voor mensen die paranormaal begaafd zijn. Beide zijn een meervoudsvorm van medium.

meervoud latijnse woorden

Meervoud Latijnse woorden op -us

De meervoudsvormen van woorden op -us zijn niet altijd even makkelijk te bedenken. Dit komt omdat er meerdere mogelijkheden zijn. De meeste Latijnse woorden op -us krijgen in het Nederlands -ussen. Bijvoorbeeld: cactus wordt cactussen en octopus wordt octopussen. Daarnaast heb je de woorden op -us die slaan op personen. Die eindigen in het meervoud op -ici. Denk hierbij aan politici, technici en medici.

Tot zover is het nog vrij overzichtelijk, maar helaas zijn er nog andere gevallen die niet binnen deze regels vallen. Hieronder een aantal voorbeelden:

  • casus blijft casus
  • corpus wordt corpora
  • cyclus wordt cycli
  • genius wordt geniën of genii
  • opus wordt opera

Een voordeel hierbij is dat een meervoudsvorm op -ussen van deze woorden inmiddels ook redelijk is ingeburgerd.

Heb je vaker een taalvraag? Stel deze dan gerust aan ons. Wil je graag een scherpe offerte van ons ontvangen? Gebruik dan dit offerteformulier. De Schrijfdokter houdt zich aan de regels van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.