Voltooid deelwoord

Voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord

“Wie houdt er niet van een versbereide maaltijd?” Toch kun je je wel afvragen waarom je het in dit geval over een bereide maaltijd hebt, terwijl de verleden tijd van bereiden een extra letter d krijgt. Denk aan: “Oma bereidde een verse maaltijd voor ons.”

Functie van voltooid deelwoord

Dit heeft alles te maken met de functie van bereiden in de bovenstaande constructie. In beide gevallen is er sprake van een vorm van het werkwoord, maar ze worden op een andere manier gebruikt. Bij oma bereidde een verse maaltijd voor ons wordt bereidde gebruikt als persoonsvorm. Het is het hoofdwerkwoord in de zin. Dit betekent dat je uitgaat van de stam van het werkwoord, en daar –te of -de achter plaatst. Heb je het over een versbereide maaltijd, dan wordt bereide gebruikt als een bijvoeglijk naamwoord, net als vers.

Voltooid deelwoord – zo kort mogelijk

De regel in deze gevallen is eigenlijk heel simpel: maak de gebruikte werkwoordsvorm zo kort mogelijk als het bijvoeglijk wordt gebruikt. Bij bereiden betekent dit dat de extra d komt te vervallen. Bij andere werkwoorden kun je zelfs een klinker weglaten. Kijk maar eens naar deze voorbeelden:

  • De uitvergrote foto – De fotograaf vergrootte de foto uit.
  • De goed opgevoede jongen – Zijn moeder voedde hem goed op.
  • Zijn ontblote tanden – De hond ontblootte zijn tanden.
  • De verlichte kamer – De bliksemflits verlichtte de hele kamer.

Twijfel je over de functie van de werkwoordsvorm en weet je daardoor niet of je eventuele klinkers, t’s of d’s kunt weglaten? Vervang dan het voltooid deelwoord eens door een ander bijvoeglijk naamwoord als blij, heerlijk, etc:

  • Een bereide maaltijd > een heerlijke maaltijd
  • Oma bereidde een maaltijd > Oma blij een maaltijd

Zoals je ziet is de onderstaande zin complete onzin geworden en weet je dus dat het daar niet om een bijvoeglijk gebruikte werkwoordsvorm gaat.