Niet-roker of niet roker

Ben je een niet-roker of een niet roker

Als jij geen roker bent, ben je dan een niet-roker of een niet roker? In dit geval moet je een streepje gebruiken. Dat komt omdat niet het woord wat erachter staat nader bepaalt. Niet is een eigenschap van de roker in dit geval. Het wordt er niet zonder reden aan toegevoegd, het duidt een bepaald soort roker aan. Roker is een zelfstandig naamwoord, maar je kunt niet ook voor andersoortige woorden zetten als zelfstandig gebruikte werkwoorden of bijvoeglijk naamwoorden. Ook in die gevallen schrijf je een streepje als niet het woord dat volgt nader bepaalt.

Voorbeelden

  • niet-lid (zelfstandig naamwoord)
  • niet-bewoner (zelfstandig naamwoord)
  • niet-gelovige (zelfstandig naamwoord)
  • niet-staker (zelfstandig naamwoord)
  • niet-vakman (zelfstandig naamwoord)
  • niet-bindend (bijvoeglijk naamwoord)
  • niet-elektrisch (bijvoeglijk naamwoord)
  • niet-Nederlands (bijvoeglijk naamwoord)
  • niet-bestaand (bijvoeglijk naamwoord)
  • niet-roken (zelfstandig gebruikt werkwoord)
  • niet-nakomen (zelfstandig gebruikt werkwoord)

niet-roker of niet roker

Vind je deze taalkwestie van niet-roker of niet roker lastig en heb je er een vraag over? Stel ‘m dan aan ons. Ook voor een offerte kun je De Schrijfdokter benaderen. Wij volgen de taalregels en richtlijnen van het Genootschap Onze Taal in Den Haag.